ECLI:NL:HR:2025:1023
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslag belasting personenauto’s
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een naheffingsaanslag in de belasting van personenauto’s en motorrijwielen heeft behandeld. De Hoge Raad heeft de klacht van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet kan leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof.
De Hoge Raad heeft daarbij overwogen dat het niet nodig is om de klacht nader te motiveren, omdat beantwoording van de vragen die belanghebbende stelt niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, zoals bedoeld in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Tevens heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 27 juni 2025. Daarmee blijft de uitspraak van het hof in stand en wordt het beroep in cassatie ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het hof blijft in stand.