Uitspraak
1.De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
2.De aanvraag tot herziening
3.De conclusie van de advocaat-generaal
4.Beoordeling van de aanvraag
5.Beslissing
11 juni 2024.
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 11 juni 2024 een arrest gewezen waarin de aanvraag tot herziening van een in kracht van gewijsde gegaan arrest van het gerechtshof Amsterdam uit 2015 werd behandeld. De aanvrager was destijds veroordeeld voor overtreding van de Algemene Plaatselijke Verordening Amsterdam 2008 in verband met deelname aan een protestactie tegen de ontruiming van een kraakpand op 5 juli 2011.
De aanvraag tot herziening is gebaseerd op een uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) van 21 november 2023, waarin werd vastgesteld dat de strafrechtelijke vervolging en veroordeling van de aanvrager een schending vormde van het recht op vrijheid van vreedzame vergadering, zoals beschermd door artikel 11 EVRM Pro. De advocaat-generaal concludeerde dat de Hoge Raad de aanvraag gegrond zou verklaren en de zaak zou verwijzen naar een ander gerechtshof.
De Hoge Raad heeft de aanvraag inderdaad gegrond verklaard, de tenuitvoerlegging van het eerdere arrest opgeschort en de zaak verwezen naar het gerechtshof Den Haag voor hernieuwde berechting, met inachtneming van de overwegingen uit het arrest HR:2024:843. Hiermee wordt de eerdere veroordeling ter discussie gesteld en krijgt de aanvrager de mogelijkheid tot een nieuwe beoordeling van zijn zaak.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening gegrond en verwijst de zaak naar het gerechtshof Den Haag voor hernieuwde berechting.