ECLI:NL:HR:2024:436
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belastingheffing en WOZ-beschikking
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 13 september 2022. Het geschil betrof een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) en een aanslag rioolheffing voor het jaar 2019.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten tegen het arrest van het hof beoordeeld en geoordeeld dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad heeft geen motivering gegeven omdat de klachten geen vragen opriepen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de raadsheren Wortel, Boerlage en Van der Voort Maarschalk en in het openbaar uitgesproken op 15 maart 2024.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende is ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden is bekrachtigd.