ECLI:NL:HR:2023:733

Hoge Raad

Datum uitspraak
23 mei 2023
Publicatiedatum
16 mei 2023
Zaaknummer
21/04232
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 359 lid 1 SvArt. 420bis.1.a SrArt. 420ter.1 Sr
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak gewoontewitwassen van geld en woning

De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor gewoontewitwassen van geldbedragen ter hoogte van €3.661.172 en een woning, op grond van artikel 420bis.1.a jo. 420ter.1 Sr. Het hof bevestigde gedeeltelijk het vonnis van de rechtbank. De verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest.

Namens de verdachte diende advocaat J.C. Reisinger het cassatieberoep in, waarop de advocaat-generaal A.E. Harteveld concludeerde tot verwerping. De Hoge Raad heeft vervolgens de klachten van de verdachte beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad zag geen noodzaak tot nadere motivering, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

Het arrest van de Hoge Raad, gewezen op 23 mei 2023, bevestigt daarmee het oordeel van het hof en verwerpt het cassatieberoep. Hiermee blijft de veroordeling voor gewoontewitwassen van geld en woning in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/04232
Datum23 mei 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 5 oktober 2021, nummer 21-006568-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1948,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.C. Reisinger, advocaat te Utrecht, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
23 mei 2023.