ECLI:NL:HR:2023:634

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 april 2023
Publicatiedatum
18 april 2023
Zaaknummer
21/01989
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 310 SrArt. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in diefstalzaak deodoranten uit drogisterij

In deze strafzaak stond verdachte terecht voor diefstal van deodoranten uit een drogisterij, zoals omschreven in artikel 310 Sr Pro. Na een arrest van het gerechtshof Amsterdam op 6 mei 2021, waarin verdachte werd veroordeeld, stelde verdachte cassatieberoep in bij de Hoge Raad. Namens verdachte diende advocaat P. Scholte een cassatiemiddel in. De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad heeft de klachten van verdachte beoordeeld, maar achtte deze onvoldoende om het arrest van het hof te vernietigen. Daarbij was het niet nodig om inhoudelijk in te gaan op de vragen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen en het arrest van het gerechtshof gehandhaafd. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, samen met raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada op 18 april 2023.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/01989
Datum18 april 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 6 mei 2021, nummer 23-001582-20, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P. Scholte, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
18 april 2023.