Uitspraak
1.De beschikking van het hof
2.Het cassatieberoep
3.Beoordeling van het cassatiemiddel
4.Beslissing
7 maart 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft in dit arrest het begrip 'kosten van een raadsman' in artikel 530 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafvordering uitgelegd. De zaak betrof een verzoek tot vergoeding van kosten gemaakt door een juridisch adviseur die geen advocaat is, in een strafzaak die zonder strafoplegging bij de kantonrechter eindigde.
Het hof had de vergoeding toegekend, stellende dat ook kosten van een derde, niet zijnde advocaat, beroepsmatig verleende rechtsbijstand in een procedure bij de kantonrechter onder het begrip 'kosten van een raadsman' vallen. De procureur-generaal stelde zich hiertegen op het standpunt dat alleen kosten van een advocaat die op het tableau van de Nederlandse orde van advocaten is ingeschreven of als raadsman is toegelaten, onder dit begrip vallen.
De Hoge Raad bevestigde dit standpunt en oordeelde dat het begrip 'raadsman' in artikel 530 lid 2 Sv Pro dezelfde betekenis heeft als in artikel 37 Sv Pro. Dit betekent dat alleen kosten van een advocaat die rechtsbijstand verleent, voor vergoeding in aanmerking komen. Kosten van andere juridische adviseurs die geen advocaat zijn, kunnen niet worden vergoed. De beschikking van het hof werd daarom vernietigd in het belang van de wet.
Dit arrest benadrukt het belang van de wettelijke waarborgen rond rechtsbijstandverlening door advocaten, zoals inschrijving op het tableau en tuchtrecht, en sluit vergoeding van kosten van niet-advocaat juridisch adviseurs in strafzaken uit.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking die vergoeding toekende voor kosten van een niet-advocaat juridisch adviseur in een strafzaak.