ECLI:NL:HR:2023:247

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 februari 2023
Publicatiedatum
16 februari 2023
Zaaknummer
21/02926
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatieArt. 285 lid 1 Sr
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in bedreiging met misdrijf tegen het leven

In deze zaak heeft de verdachte cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch dat hem veroordeelde voor bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht. De kern van het geschil betrof de vraag of verdachte degene was die de bedreigende woorden heeft uitgesproken en of uit het bewijsmateriaal volgt dat hij de schutter was.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten over het bewijs en de feiten beoordeeld, maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel van het hof te geven, omdat de klachten geen vragen van belang voor de rechtsontwikkeling of rechtseenheid opriepen.

Het arrest van de Hoge Raad is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en het beroep is verworpen. Hiermee blijft het hofarrest in stand en is de veroordeling van verdachte definitief.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen, waardoor het hofarrest in stand blijft.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer21/02926
Datum14 februari 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 juli 2021, nummer 20-001113-20, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft F.H.J. van Gaal, advocaat te Wijchen, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.E.M. Röttgering en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
14 februari 2023.