ECLI:NL:HR:2023:1660

Hoge Raad

Datum uitspraak
28 november 2023
Publicatiedatum
26 november 2023
Zaaknummer
22/03935
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 289 SrArt. 80a RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart cassatieberoep poging tot moord niet-ontvankelijk

In deze strafzaak werd verdachte verdacht van poging tot moord in 2021 te Eindhoven, waarbij hij een taxichauffeur meerdere malen met een mes in het hoofd en in de richting van hoofd en nek stak. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch had verdachte eerder veroordeeld.

Verdachte stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof. Namens verdachte werd een schriftuur ingediend. De procureur-generaal kreeg de gelegenheid een advies uit te brengen, maar bracht geen schriftelijk standpunt in.

De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep duidelijk niet kon slagen en maakte gebruik van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren. Het arrest werd op 28 november 2023 gewezen door de strafkamer van de Hoge Raad.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een schriftelijk standpunt van de procureur-generaal.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/03935
Datum28 november 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 19 oktober 2022, nummer 20-002570-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2000,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Rotterdam, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en C.N. Dalebout, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
28 november 2023.