Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
4.Beslissing
10 oktober 2023.
Hoge Raad
In deze strafzaak stond de vraag centraal of de wurggreep die verdachte toepaste in het kader van noodweer proportioneel was ten opzichte van de kopstoot die hij van de aangever had ontvangen. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden had eerder geoordeeld dat de noodweersituatie en de proportionaliteit van het geweld waren vastgesteld en veroordeelde verdachte tot een geheel voorwaardelijke geldboete.
Verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest, waarbij de advocaat-generaal het beroep tot verwerping adviseerde. De Hoge Raad heeft de klachten van verdachte beoordeeld maar vond geen aanleiding tot vernietiging van het hofarrest. Daarbij was het niet nodig om inhoudelijk op de rechtsvragen in te gaan, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
Daarnaast constateerde de Hoge Raad dat de redelijke termijn voor de behandeling van het cassatieberoep was overschreden, maar zag geen aanleiding om dit te verbinden aan een ander rechtsgevolg gezien de lichte straf: een geheel voorwaardelijke geldboete van €400 met een proeftijd.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen en bevestigt hiermee het oordeel van het hof over de proportionaliteit van het toegepaste geweld in noodweersituaties.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot een geheel voorwaardelijke geldboete van €400 blijft in stand.