ECLI:NL:HR:2022:548
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake invorderingsrente
Belanghebbende, een vennootschap onder firma, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag over een beschikking inzake invorderingsrente. De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de uitspraak van het hof.
De Hoge Raad vond het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, zoals bedoeld in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Tevens werd geen aanleiding gezien om proceskosten aan de zijde van belanghebbende toe te wijzen.
Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken op 8 april 2022. Het cassatieberoep is daarmee ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard.