ECLI:NL:HR:2022:1888
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake douanerechten
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep ingesteld in cassatie tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 29 september 2020. Dit arrest betrof het hoger beroep over aan belanghebbende uitgereikte uitnodigingen tot betaling van douanerechten, waarbij ook een incidenteel hoger beroep van de Inspecteur speelde.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende tegen het arrest van het Hof beoordeeld. De klachten konden echter niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad zag geen noodzaak om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, zoals bedoeld in artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Daarnaast heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en in het openbaar uitgesproken op 16 december 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.