Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
13 december 2022.
Hoge Raad
De zaak betreft een snelheidsovertreding waarbij de verdachte op een weg buiten de bebouwde kom de maximumsnelheid met meer dan 30 kilometer per uur heeft overschreden. Het hof sprak de verdachte vrij omdat het oordeelde dat de administratieve sanctie op grond van artikel 5 van Pro de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) van toepassing was, ondanks dat de bestuurder niet staande was gehouden. Het hof vond de verklaring dat vanwege de coronamaatregelen niet was staande gehouden onvoldoende zwaarwegend om van staandehouding af te zien.
De Hoge Raad stelt echter vast dat de WAHV niet van toepassing is op snelheidsovertredingen van meer dan 30 km/u buiten de bebouwde kom, omdat deze overtreding niet in de bijlage bij artikel 2 lid 1 WAHV Pro is opgenomen. Hierdoor is het oordeel van het hof onjuist en kan de vrijspraak niet in stand blijven.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam voor een nieuwe berechting en beslissing. De overige cassatiemiddelen behoeven geen bespreking. De uitspraak is gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 13 december 2022.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor nieuwe berechting wegens onjuiste toepassing van artikel 5 WAHV.