ECLI:NL:HR:2022:1498
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende, woonachtig in Marokko, heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Centrale Raad van Beroep. De Hoge Raad beoordeelt de ontvankelijkheid van dit beroep. Omdat belanghebbende geen domicilieadres in Nederland heeft gekozen, werd hij door de griffier verzocht om binnen een gestelde termijn een formulier over inkomen en vermogen in te dienen in verband met het griffierecht. Dit formulier werd niet tijdig ingediend.
Vervolgens is belanghebbende meerdere malen aangetekend verzocht om het griffierecht te betalen en om een verklaring te geven waarom dit niet was gebeurd. Deze verzoeken bleven onbeantwoord en het griffierecht is niet voldaan. Een brief die na de gestelde termijn werd ingediend, is buiten beschouwing gelaten.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is op 21 oktober 2022 uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.