Uitspraak
wonende te [woonplaats],
kantoorhoudende te Nijmegen,
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
28 januari 2022.
Hoge Raad
Deze zaak betreft de vraag of een curator in een faillissement bevoegd is om een begrafenispolis van de gefailleerde af te kopen. De gefailleerde verzocht de curator te verbieden tot afkoop over te gaan, wat door de rechter-commissaris en de rechtbank werd afgewezen en bekrachtigd.
De Hoge Raad stelt vast dat op grond van artikel 7:976 BW Pro de waarde van een begrafenispolis en de daaraan verbonden rechten niet vatbaar zijn voor beslag en buiten het faillissement blijven, mits de polis niet excessief is. De curator heeft niet gesteld dat de polis excessief is.
Daarom vernietigt de Hoge Raad de eerdere beslissingen en verbiedt de curator om de begrafenispolis af te kopen. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de curator in de kosten van de cassatieprocedure.
Uitkomst: De curator is verboden de begrafenispolis af te kopen omdat deze buiten het faillissement valt.