ECLI:NL:HR:2021:96
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in geschil over onroerendezaakbelasting
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam betreffende een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken en een aanslag onroerendezaakbelasting van de gemeente Amsterdam over het jaar 2017.
De Hoge Raad heeft het middel van belanghebbende beoordeeld en het advies van de procureur-generaal ingewonnen. Gezien de inhoudelijke beoordeling is geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.
Daarom is op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
De uitspraak is gedaan door raadsheren J. Wortel (voorzitter), A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in aanwezigheid van waarnemend griffier F. Treuren, en openbaar uitgesproken op 22 januari 2021.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan kans van slagen.