ECLI:NL:HR:2020:615
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingzaak personenauto’s en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het gerechtshof Den Haag over een belastingaanslag op personenauto’s en motorrijwielen. De zaak betrof een geschil over een door belanghebbende op aangifte voldaan belastingbedrag.
De Hoge Raad heeft de ingediende middelen beoordeeld maar oordeelde dat deze niet tot vernietiging van het hofarrest konden leiden. Er was geen noodzaak om de motivering van het oordeel te geven, omdat de zaak geen vragen bevatte die relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad zag ook geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Hiermee blijft het oordeel van het gerechtshof Den Haag in stand, waarmee de belastingaanslag definitief is bevestigd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het hofarrest blijft in stand.