ECLI:NL:HR:2020:335
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Gerechtshof Den Haag inzake belasting personenauto's en motorrijwielen
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag inzake een door haar betaalde belasting op personenauto's en motorrijwielen. Na behandeling van het cassatieberoep heeft de Hoge Raad de ingediende middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest.
De Hoge Raad heeft besloten geen nadere motivering te geven, omdat de beoordeling van de middelen geen vragen oproept die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie. Tevens is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Het arrest is op 28 februari 2020 in het openbaar gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, waarmee het cassatieberoep ongegrond is verklaard en de uitspraak van het hof in stand blijft.
Uitkomst: Het cassatieberoep is ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Den Haag blijft in stand.