ECLI:NL:HR:2020:1135
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft een beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam. Voor het indienen van het cassatieberoep moest griffierecht betaald worden. Belanghebbende deed een beroep op betalingsonmacht, maar heeft niet voldaan aan de vereisten om dit te onderbouwen.
De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende meerdere malen aangeschreven en in de gelegenheid gesteld om een verklaring omtrent afwezigheid van vermogen in te dienen, maar belanghebbende maakte hier geen gebruik van. Vervolgens is het beroep op betalingsonmacht afgewezen en is belanghebbende meerdere keren gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht.
Omdat het griffierecht niet is voldaan, is het beroep in cassatie op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb niet-ontvankelijk verklaard. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is op 26 juni 2020 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.