Uitspraak
wonende te [woonplaats],
wonende te [woonplaats],
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
19 juni 2020.
Hoge Raad
De moeder heeft cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden betreffende de hoofdverblijfplaats van haar minderjarige kind. Het geschil betreft de toepassing van artikel 1:253a BW en motiveringsklachten over de beslissing van het hof.
De Hoge Raad heeft de klachten van de moeder beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking. Hierbij is verwezen naar eerdere uitspraken van rechtbank en hof, zonder dat de Hoge Raad nadere motivering hoeft te geven vanwege artikel 81 lid 1 RO Pro.
De conclusie van de Advocaat-Generaal tot verwerping van het beroep is gevolgd, waarna het beroep door de Hoge Raad is verworpen. De beschikking is openbaar uitgesproken door raadsheer C.E. du Perron op 19 juni 2020.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de moeder wordt verworpen en de beschikking van het hof blijft gehandhaafd.