ECLI:NL:HR:2019:2000
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake kosten van vervolging
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch over de aan hem in rekening gebrachte kosten van vervolging. De Staatssecretaris van Financiën diende een verweerschrift in. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van belanghebbende niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was vanwege het ontbreken van relevante rechtsvragen voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Hiermee blijft het arrest van het Gerechtshof in stand. De uitspraak werd gedaan door de belastingkamer van de Hoge Raad op 20 december 2019.
Deze zaak betreft een bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke kwestie omtrent de toerekening van kosten van vervolging aan belanghebbende, waarbij de Hoge Raad de eerdere beslissingen bevestigde zonder inhoudelijke heroverweging.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof blijft in stand.