ECLI:NL:HR:2019:1001
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake WOZ-beschikking 2016
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden inzake de beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) voor het jaar 2016 betreffende een onroerende zaak te Midlaren.
De Hoge Raad heeft de aangevoerde middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie is geen nadere motivering vereist, omdat de middelen niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad heeft tevens besloten geen proceskosten aan belanghebbende op te leggen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is uitgesproken op 21 juni 2019 door raadsheren Fierstra, Wortel en Beukers-van Dooren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van het gerechtshof wordt bevestigd.