ECLI:NL:HR:2018:694

Hoge Raad

Datum uitspraak
4 mei 2018
Publicatiedatum
3 mei 2018
Zaaknummer
17/03990
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake afwikkeling huwelijkse voorwaarden bij echtscheiding

De zaak betreft een cassatieberoep van de vrouw tegen een beschikking van het gerechtshof Den Haag inzake de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden bij echtscheiding. De rechtbank en het hof hadden eerder uitspraken gedaan over de financiële afwikkeling tussen partijen.

De vrouw stelde het cassatieberoep in tegen de beschikking van het hof, maar de man heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en dat deze geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen. Daarom wordt het beroep verworpen.

De beschikking is gegeven door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Polak en Sieburgh en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Tanja-van den Broek op 4 mei 2018.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de vrouw wordt verworpen en de beschikking van het hof blijft in stand.

Uitspraak

4 mei 2018
Eerste Kamer
17/03990
TT/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. K. Aantjes,
t e g e n
[de man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaken C/09/494177 en 506009 van de rechtbank Den Haag van 8 juni 2016;
b. de beschikking in de zaken 200.198.649/01 en 200.198.656/01 van het gerechtshof Den Haag van 31 mei 2017.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op
4 mei 2018.