ECLI:NL:HR:2018:2428

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 november 2018
Publicatiedatum
21 januari 2019
Zaaknummer
17/01385
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 197a SrArt. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak mensensmokkel zonder verblijfsrechtelijke titel

De zaak betreft een verdachte die werd vervolgd wegens mensensmokkel door het vervoeren van een persoon zonder verblijfsrechtelijke titel met een auto van Duitsland naar Nederland. Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch had de verdachte eerder veroordeeld. De verdachte stelde cassatieberoep in tegen dit arrest.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat het middel niet tot cassatie kan leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest van het hof blijft daarmee in stand. De Hoge Raad benadrukte de toepassing van artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, dat bepaalt dat een middel kan worden verworpen zonder nadere motivering als het niet tot cassatie kan leiden.

De uitspraak werd gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 20 november 2018, waarbij de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien het arrest wezen.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling van verdachte voor mensensmokkel.

Uitspraak

20 november 2018
Strafkamer
nr. S 17/01385
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 27 januari 2017, nummer 20/004074-12, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1961.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft I.T.H.L. van de Bergh, advocaat te Maastricht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De plaatsvervangend Advocaat-Generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
20 november 2018.