Uitspraak
wonende te [woonplaats] ,
kantoorhoudende te Valkenswaard,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
21 december 2018.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak heeft een erfgenaam verzet aangetekend tegen de uitdelingslijst die door de vereffenaar van een nalatenschap was opgesteld. De kantonrechter wees het verzet af, waarna de erfgenaam hoger beroep instelde. Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 4:218 lid 5 BW Pro in verbinding met artikel 187 lid 1 Fw Pro, dat bepaalt dat tegen de beschikking op verzet geen hoger beroep openstaat, maar alleen beroep in cassatie binnen een termijn van acht dagen.
De erfgenaam stelde in cassatie onder meer dat artikel 187 lid 1 Fw Pro niet van toepassing zou zijn op kantonrechterlijke beschikkingen en dat de beroepsinstantie en beroepstermijn volgens de algemene regels van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (artikelen 358 en 261 Rv) moesten worden bepaald. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat de kantonrechter onderdeel is van de rechtbank en dat de regeling van artikel 187 lid 1 Fw Pro ook op deze procedure van toepassing is.
De Hoge Raad benadrukte dat de wettelijke regeling in artikel 4:218 lid 5 BW Pro de voorschriften van de Faillissementswet zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing verklaart op het verzet tegen de uitdelingslijst bij nalatenschapsvereving. De wetgever heeft met deze regeling willen aansluiten bij de bestaande faillissementsrechtelijke regeling, inclusief de rechtsmiddelen. De Hoge Raad concludeerde dat het hof terecht het hoger beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard en dat het beroep in cassatie het juiste rechtsmiddel is.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee de beperkte mogelijkheid tot hoger beroep tegen de beschikking op verzet tegen de uitdelingslijst van de vereffenaar.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat tegen de beschikking op verzet tegen de uitdelingslijst geen hoger beroep openstaat, maar alleen beroep in cassatie binnen acht dagen.