ECLI:NL:HR:2018:1181

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 juli 2018
Publicatiedatum
11 juli 2018
Zaaknummer
18/00336
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81.1 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt uitspraak over naheffingsaanslag parkeerbelasting gemeente Amsterdam

Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin het hoger beroep tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting was afgewezen. Het geschil betrof de juistheid van de opgelegde aanslag door de gemeente Amsterdam.

De Hoge Raad heeft de ingediende klachten van belanghebbende beoordeeld maar deze niet ontvankelijk verklaard omdat zij geen aanleiding geven tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Hierdoor was geen nadere motivering vereist.

Ook heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten aan belanghebbende toe te kennen. Het beroep in cassatie is derhalve ongegrond verklaard, waarmee het arrest van het gerechtshof in stand blijft.

Deze uitspraak bevestigt de geldigheid van de naheffingsaanslag en de rechtmatigheid van de behandeling door de lagere rechterlijke instanties.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het gerechtshof bevestigd.

Uitspraak

13 juli 2018
nr. 18/00336
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 16 januari 2018, nr. 17/00286, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam (nr. AMS 16/5717) betreffende de aan belanghebbende opgelegde naheffingsaanslag in de parkeerbelasting van de gemeente Amsterdam.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2018.