ECLI:NL:HR:2018:1064

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 juli 2018
Publicatiedatum
2 juli 2018
Zaaknummer
16/00481
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 51 SvArt. 48 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens niet-naleving oproepingsvoorschrift in profijtontnemingszaak

De zaak betreft een beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag inzake een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. De betrokkene stelde een middel voor dat het voorschrift van art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv Pro, niet was nageleefd doordat geen afschrift van de oproeping in hoger beroep aan zijn raadsvrouw was verzonden.

De Hoge Raad verwijst naar de motivering in een samenhangende zaak (ECLI:NL:HR:2018:1049) en oordeelt dat het middel terecht is voorgesteld. Dit leidt tot vernietiging van het bestreden arrest.

De zaak wordt terugverwezen naar het Gerechtshof Den Haag voor hernieuwde berechting en afdoening van het hoger beroep, waarbij het oproepingsvoorschrift correct moet worden nageleefd.

Uitkomst: Het arrest van het gerechtshof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.

Uitspraak

3 juli 2018
Strafkamer
nr. S 16/00481 P
DAZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 22 januari 2016, nummer 22/003687-15, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste van:
[betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft E.A. Blok, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Den Haag teneinde opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2. Beoordeling van het middel
2.1.
Het middel klaagt dat in hoger beroep het voorschrift van art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv Pro, niet is nageleefd, doordat is verzuimd een afschrift van de oproeping in hoger beroep aan de raadsvrouwe van de betrokkene te verzenden.
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in het heden uitgesproken arrest in de zaak 16/00483 (ECLI:NL:HR:2018:1049) is het middel terecht voorgesteld.

3.Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
3 juli 2018.