Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
3 oktober 2017.
Hoge Raad
De zaak betreft het cassatieberoep van verdachte tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 16 februari 2016, waarin verdachte werd veroordeeld voor meermalen medeplegen van poging tot doodslag. De feiten betreffen het afvuren van meerdere kogels op een auto met drie inzittenden op de openbare weg.
Het middel van cassatie, voorgesteld door de advocaat van verdachte, betrof een klacht over de bewijsmotivering. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad wees het beroep af en bevestigde daarmee het arrest van het hof. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 3 oktober 2017.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden wordt bevestigd.