ECLI:NL:HR:2016:629

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 april 2016
Publicatiedatum
12 april 2016
Zaaknummer
15/02264
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94a SvArt. 552a Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 3 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt beschikking wegens verkeerde beslaggrondslag en verwijst zaak terug

De Hoge Raad heeft op 12 april 2016 uitspraak gedaan over een cassatieberoep van het Openbaar Ministerie tegen een beschikking van de Rechtbank Oost-Brabant. De rechtbank had een klaagschrift gegrond verklaard waarin werd gesteld dat het beslag onrechtmatig was gelegd op grond van artikel 94a Sv, terwijl volgens het OM een andere wettelijke grondslag van toepassing was.

De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte volstond met de enkele vaststelling dat het beslag op grond van artikel 94a Sv was gelegd. De rechtbank had een diepgaand onderzoek moeten verrichten naar de juridische grondslag van het beslag en haar oordeel hierover nader moeten motiveren. Het ontbreken van deze motivering maakt de beschikking onvoldoende gemotiveerd.

Op basis van de conclusie van de Advocaat-Generaal vernietigde de Hoge Raad de bestreden beschikking en verwees de zaak terug naar de Rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, voor een nieuwe behandeling en beslissing op het klaagschrift. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren in aanwezigheid van de waarnemend griffier.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking wegens onjuiste vaststelling van de beslaggrondslag en verwijst de zaak terug naar de rechtbank voor herbehandeling.

Uitspraak

12 april 2016
Strafkamer
nr. S 15/02264 B
CB
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, van 16 maart 2015, nummer RK 15/24, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de Officier van Justitie. Deze heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot zodanige beslissing met betrekking tot verwijzen of terugwijzen als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.

2.Beoordeling van het middel

2.1.
Het middel komt met rechts- en motiveringsklachten op tegen de gegrondverklaring van het beklag. Daartoe wordt aangevoerd dat de Rechtbank ten onrechte heeft vastgesteld dat sprake is van een conservatoir beslag als bedoeld in art. 94a Sv.
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4.5.1 tot en met 4.5.5 is het middel terecht voorgesteld.

3.Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden beschikking;
wijst de zaak terug naar de Rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, opdat de zaak op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
12 april 2016.