Uitspraak
1.De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
2.De procedure tot herziening
3.De grondslag voor herziening
4.Nadere beoordeling van de aanvraag
5.Beslissing
29 maart 2016.
Hoge Raad
De Hoge Raad behandelde een aanvraag tot herziening van een vonnis van de Politierechter in Alkmaar, waarbij de aanvrager was veroordeeld voor een overtreding van artikel 8 van Pro de Wegenverkeerswet 1994. De oorspronkelijke veroordeling betrof een geldboete, subsidiair hechtenis en ontzegging van de rijbevoegdheid.
De herzieningsaanvraag volgde op een eerdere tussenuitspraak en betrof een ernstige persoonsverwisseling die niet bekend was bij de rechter tijdens het oorspronkelijke onderzoek. De Hoge Raad heeft na ontvangst van aanvullende stukken, waaronder een proces-verbaal van de verbalisante en een schriftelijke toelichting van de raadsvrouwe, geconcludeerd dat de aanvraag gegrond is.
De Hoge Raad heeft de zaak geschorst en verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor een volledige hernieuwde berechting conform artikel 472, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Dit arrest werd uitgesproken door de vice-president en raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 29 maart 2016.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag gegrond en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde berechting.