Uitspraak
Rechtbank Rotterdamvan 29 juni 2015, nr. ROT 15/1010, op het verzet tegen een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam (nr. ROT 15/1010) betreffende de aan
[X]te
[Z]voor het jaar 2014 opgelegde aanslag in de afvalstoffenheffing.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie beoordeeld dat was ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Rotterdam betreffende het verzet tegen een aanslag afvalstoffenheffing over het jaar 2014.
De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het beroep of omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en na advies van de Procureur-Generaal heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. Het arrest is op 18 maart 2016 in het openbaar uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan voldoende belang of omdat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden.