Uitspraak
gevestigd te Dublin, Ierland,
gevestigd te Hilversum,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
4.Beslissing
23 december 2016.
Hoge Raad
In deze zaak heeft Ryanair cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam, waarin het hof een rectificatie-uitspraak bevestigde over een tv-uitzending van KRO. De uitzending betrof een bericht over een vermeend te krap geplande voorraad brandstof aan boord van een Ryanair-vlucht.
De rechtbank Amsterdam had eerder al uitspraak gedaan, waarna het hof het vonnis bevestigde. Ryanair stelde in cassatie dat het hof onjuist had geoordeeld, maar de Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet tot cassatie konden leiden. Volgens art. 81 lid 1 RO Pro behoefde de Hoge Raad geen nadere motivering te geven, omdat de klachten niet relevant waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad wees het beroep van Ryanair af en veroordeelde Ryanair tot betaling van de kosten van het cassatiegeding. Hiermee bleef de rectificatie-uitspraak van KRO in stand, waarmee de mediarechtelijke aansprakelijkheid voor onrechtmatige daad werd bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Ryanair wordt verworpen en Ryanair wordt veroordeeld in de proceskosten.