ECLI:NL:HR:2016:2043

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 september 2016
Publicatiedatum
8 september 2016
Zaaknummer
16/03665
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 78 lid 4 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie tegen uitspraak Centrale Raad van Beroep niet-ontvankelijk

Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 26 mei 2016, waarin hoger beroep werd behandeld tegen besluiten van de korpschef van politie van de voormalige politieregio.

De Hoge Raad heeft beoordeeld of het beroep in cassatie ontvankelijk is. Op grond van artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie kan de Hoge Raad alleen kennisnemen van cassatieberoepen tegen uitspraken van administratieve rechters indien dit bij wet is bepaald. In deze zaak ontbreekt een wettelijke bepaling die cassatie openstelt tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep.

Daarom verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Tevens zijn geen gronden aanwezig voor een veroordeling in proceskosten. Het arrest is gewezen door de raadsheren Schaap, Groeneveld en Wortel en uitgesproken op 9 september 2016.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een wettelijke basis.

Uitspraak

9 september 2016
Nr. 16/03665
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de
Centrale Raad van Beroepvan 26 mei 2016, nrs. 14/6995 AW, 14/6996 AW, 15/1572 AW, 15/1573 AW, op het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Midden-Nederland (nrs. 14/290 en 14/1226) betreffende besluiten van de korpschef van politie van de (voormalige) politieregio [Q].

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad enkel kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de administratieve rechter voor zover dit bij wet is bepaald. Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep als de onderhavige. Het beroep in cassatie dient derhalve niet-ontvankelijk te worden verklaard.

2.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 9 september 2016.