ECLI:NL:HR:2015:843

Hoge Raad

Datum uitspraak
3 april 2015
Publicatiedatum
3 april 2015
Zaaknummer
14/01735
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 2:15 lid 3 BW
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatieberoep inzake contractuele en onrechtmatige daad geschil

In deze zaak hebben eisers cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 december 2013. Het geschil betreft onder meer de vraag of sprake is van een toerekenbare tekortkoming, het belang bij vernietiging van een besluit en de causaliteit van de geleden schade.

De Hoge Raad verwijst voor het geding in feitelijke instanties naar eerdere vonnissen en arresten, waaronder het vonnis van de rechtbank Leeuwarden en de arresten van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. In cassatie worden de aangevoerde klachten niet ontvankelijk verklaard omdat deze geen aanleiding geven tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De conclusie van de Advocaat-Generaal tot verwerping van het cassatieberoep wordt gevolgd. De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt eisers in de kosten van het cassatiegeding, die nihil zijn begroot aan de zijde van de verweerder. Hiermee wordt het arrest van het hof bekrachtigd en blijft de eerdere rechtspraak in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof wordt bekrachtigd.

Uitspraak

3 april 2015
Eerste Kamer
14/01735
LZ/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [eiser 1],
2. [eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats], Duitsland,
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. J. den Hoed,
t e g e n
KONINKLIJKE VERENIGING
'HET FRIESCH PAARDEN-STAMBOEK’,
gevestigd te Drachten,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eisers] c.s. en KFPS.

1.Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 113351/HA ZA 11-505 van de rechtbank Leeuwarden van 25 januari 2012;
b. de arresten in de zaak 200.105.603/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 12 juni 2012 en
3 december 2013.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 3 december 2013 hebben [eisers] c.s. beroep in cassatie ingesteld.
De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen KFPS is verstek verleend.
De zaak is voor [eisers] c.s. toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] c.s. heeft bij brief van 20 februari 2015 op die conclusie gereageerd.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eisers] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van KFPS begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
3 april 2015.