ECLI:NL:HR:2015:3595

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 december 2015
Publicatiedatum
15 december 2015
Zaaknummer
15/03173
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen

Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 3 juni 2015, waarin het hof uitspraak deed over navorderingsaanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, boetebeschikkingen en heffingsrente voor de jaren 2008 tot en met 2011.

De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was geen nadere motivering vereist omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten.

Het arrest is gewezen door de raadsheren C. Schaap (voorzitter), M.A. Fierstra en J. Wortel, en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2015.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

18 december 2015
Nr. 15/03173
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Den Haagvan 3 juni 2015, nr. BK-14/01659 tot en met BK-14/01662, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag (nrs. SGR 14/5664, SGR 14/5666, SGR 14/5671 en SGR 14/5672) betreffende de aan belanghebbende over de jaren 2008 tot en met 2011 opgelegde navorderingsaanslagen in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, de daarbij gegeven boetebeschikkingen en de daarbij gegeven beschikkingen inzake heffingsrente.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2015.