Uitspraak
FIRMA HAUCK GMBH & CO. KG,
gevestigd te Sonnefeld, Duitsland,
STOKKE A/S,
gevestigd te Skodje, Noorwegen,
gevestigd te Tilburg,
wonende te [woonplaats] , Noorwegen,
[verweerster 4] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] , Noorwegen,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
Deze zaak betreft het vormmerk van de Tripp Trapp-kinderstoel van Stokke A/S en de vraag of dit merk nietig is op grond van uitsluitingsgronden in artikel 3 lid 1 sub e van Pro de Merkenrichtlijn. De Hoge Raad verwijst naar eerdere arresten en het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) van 18 september 2014, waarin is geoordeeld dat de gronden voor weigering van inschrijving niet gecombineerd mogen worden toegepast.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof in het bestreden arrest een onjuiste rechtsopvatting had door de uitsluitingsgronden te combineren. Op basis van het HvJEU-arrest moet het hof opnieuw beoordelen of het vormmerk van de Tripp Trapp-stoel op grond van de afzonderlijke uitsluitingsgronden niet voor merkenrechtelijke bescherming in aanmerking komt.
Verder geeft de Hoge Raad aan dat het hof bij de herbeoordeling rekening moet houden met de uitleg van het HvJEU over de aard van de wezenlijke gebruikskenmerken en de perceptie van de vorm door het doelpubliek. De Hoge Raad verwijst de zaak naar het gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing en veroordeelt Hauck in de kosten van het cassatieberoep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor herbeoordeling volgens het HvJEU-arrest.