Uitspraak
gevestigd te Rotterdam,
gevestigd te Oranjestad, Aruba,
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
2 oktober 2015.
Hoge Raad
In deze zaak stond centraal de vraag of HDI-Gerling Verzekeringen N.V. aansprakelijk was voor schadevergoeding aan Kong Hing Supercenter N.V. De rechtbank Rotterdam wees de aansprakelijkheid af, een oordeel dat het gerechtshof Den Haag bevestigde in arresten van 4 juni 2013 en 15 juli 2014. HDI stelde cassatieberoep in tegen het laatste arrest.
De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen en arresten en behandelt het cassatieberoep op basis van artikel 81 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De klachten van HDI leiden niet tot cassatie, mede omdat zij geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad bevestigt daarmee het oordeel van het hof dat de aansprakelijkheid van HDI niet bestaat en dat de polisvoorwaarden juist zijn uitgelegd. Tevens veroordeelt de Hoge Raad HDI in de kosten van het cassatiegeding. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 2 oktober 2015.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van aansprakelijkheid door het hof.