ECLI:NL:HR:2015:2548

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 september 2015
Publicatiedatum
11 september 2015
Zaaknummer
15/02167
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 80a Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep inzake Algemene nabestaandenwet

Belanghebbende uit Marokko heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 10 april 2015, betreffende een besluit op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW).

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie beoordeeld en geoordeeld dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen. Dit omdat de belanghebbende klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep, dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en na advies van de Procureur-Generaal verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Het arrest is op 11 september 2015 in het openbaar gewezen door raadsheer C. Schaap als voorzitter, samen met raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang of gebrek aan cassatiegronden.

Uitspraak

11 september 2015
nr. 15/02167
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z], Marokko (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de
Centrale Raad van Beroepvan 10 april 2015, nr. 13/3277 ANW, betreffende een besluit ingevolge de Algemene nabestaandenwet.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

2.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 11 september 2015.