ECLI:NL:HR:2015:1757

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 juni 2015
Publicatiedatum
30 juni 2015
Zaaknummer
14/02670
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen arrest Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

De Hoge Raad heeft op 30 juni 2015 het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 november 2013. Het beroep was ingesteld door verdachte en werd bijgestaan door mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam. De Advocaat-Generaal P.C. Vegter had geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet noodzakelijk was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter en de raadsheren J. de Hullu en V. van den Brink.

Het arrest betreft een strafzaak waarbij het cassatieberoep werd afgewezen, waarmee het arrest van het gerechtshof in stand bleef. Er zijn geen verdere inhoudelijke overwegingen gegeven in dit arrest.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

30 juni 2015
Strafkamer
nr. S 14/02670
DAZ/SC
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 14 november 2013, nummer 21/000998-13, in de strafzaak tegen:
[verdachte], gevestigd te [plaats].

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
30 juni 2015.