Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
30 juni 2015.
Hoge Raad
De Hoge Raad heeft op 30 juni 2015 het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 14 november 2013. Het beroep was ingesteld door verdachte en werd bijgestaan door mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam. De Advocaat-Generaal P.C. Vegter had geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet noodzakelijk was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter en de raadsheren J. de Hullu en V. van den Brink.
Het arrest betreft een strafzaak waarbij het cassatieberoep werd afgewezen, waarmee het arrest van het gerechtshof in stand bleef. Er zijn geen verdere inhoudelijke overwegingen gegeven in dit arrest.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.