Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2008, inclusief de beschikking inzake heffingsrente.
Het beroepschrift voldeed niet aan de vereisten van artikel 6:5, lid 1, letter d, Awb, omdat de gronden van het beroep ontbraken. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende per aangetekende brief in de gelegenheid gesteld dit verzuim binnen zes weken te herstellen.
Omdat belanghebbende dit niet tijdig heeft gedaan en de te late brief buiten beschouwing is gelaten, heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.