ECLI:NL:HR:2014:2824

Hoge Raad

Datum uitspraak
26 september 2014
Publicatiedatum
25 september 2014
Zaaknummer
14/01977
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Artikel 80a RO-zaken
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 80a RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in WWB-zaken

In deze zaak betrof het een beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep inzake besluiten van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heiloo op grond van de Wet werk en bijstand (WWB).

De Hoge Raad heeft beoordeeld of het cassatieberoep ontvankelijk is. Daarbij is geoordeeld dat de klacht geen behandeling in cassatie rechtvaardigt, omdat de belanghebbende onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep of omdat de klacht klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.

Op basis van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en na advies van de Procureur-Generaal heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard.

Het arrest is uitgesproken door de raadsheren C. Schaap (voorzitter), M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in aanwezigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, op 26 september 2014.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende belang of omdat de klacht niet tot cassatie kan leiden.

Uitspraak

26 september 2014
Nr. 14/01977
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de
Centrale Raad van Beroepvan 4 maart 2014, nr. 12/4990 WWB, op het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Alkmaar (nr. 11/2505) betreffende besluiten van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heiloo ingevolge de Wet werk en bijstand.

1.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klacht geen behandeling in cassatie rechtvaardigt omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klacht klaarblijkelijk niet tot cassatie kan leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

2.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 26 september 2014.