Verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 februari 2013. De raadsman van verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie is geen nadere motivering vereist omdat de middelen geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
Het arrest is gewezen door raadsheer B.C. de Savornin Lohman als voorzitter, en raadsheren Y. Buruma en N. Jörg. Het beroep is verworpen en het arrest is uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 25 maart 2014.
Deze uitspraak bevestigt het oordeel van het hof en betekent dat de eerdere uitspraak in stand blijft. De procedure is hiermee definitief afgesloten.