Uitspraak
gevestigd te Rotterdam,
gevestigd te Rotterdam,
1.Het geding
2.Het tweede geding in cassatie
3.Beoordeling van de middelen
4.Beslissing
€ 2.200,-- voor salaris.
6 december 2013.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak stond de vraag centraal of de verjaring van het recht tot dwanginvordering van naheffingsaanslagen rechtsgeldig was gestuit door betekening van een dwangbevel aan een rechtspersoon die was opgehouden te bestaan. Transautex betoogde dat heropening van de vereffening van de failliete rechtspersoon Tysco noodzakelijk was om rechtsgeldige betekening te kunnen verrichten.
Het hof oordeelde echter dat artikel 54, leden 3 en 4, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van overeenkomstige toepassing is en dat heropening van de vereffening niet nodig is indien het belang alleen ligt in stuiting van verjaring. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het beroep van Transautex.
Daarnaast werd geoordeeld dat de Ontvanger zich niet kon binden aan een eerdere uitlating van een inspecteur over het eigenbouwerschap van Transautex, omdat deze uitlating was gebaseerd op andere feiten dan de aansprakelijkstelling voor inlening van personeel. Het beroep werd verworpen en Transautex werd veroordeeld in de kosten van het cassatieproces.
Uitkomst: Het beroep van Transautex wordt verworpen en de stuiting van de verjaring is rechtsgeldig.