ECLI:NL:HR:2013:BY8311
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- N. Jörg
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onbegrijpelijke bevoegdheid politie bij vordering tot verwijdering straatprostituee
Op 10 oktober 2007 werd verdachte door politieambtenaren op de Kaldenkerkerweg te Venlo gevorderd weg te gaan en die avond en nacht niet meer terug te keren, op grond van artikel 3:18 van Pro de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Venlo, dat straatprostitutie verbiedt en politie bevoegdheid geeft om overtreders te gelasten zich te verwijderen.
Verdachte gaf hieraan geen gehoor en werd vervolgd wegens opzettelijk niet voldoen aan een krachtens wettelijk voorschrift gedaan bevel, zoals bedoeld in artikel 184, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht. Het Hof verklaarde verdachte schuldig en oordeelde dat het bevel rechtmatig was gegeven.
De Hoge Raad oordeelt echter dat het Hof onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat het bevel binnen de bevoegdheid van de politie viel, omdat artikel 3:18, vierde lid, APV Venlo slechts een onmiddellijke verwijdering in een door de politie aangegeven richting toestaat, niet een verbod om die avond en nacht terug te keren.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het Hof voor hernieuwde berechting. De overige middelen behoeven geen bespreking. De Hoge Raad bevestigt hiermee het belang van een juiste uitleg van bevoegdheden bij het opleggen van strafbare bevelen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en wijst zaak terug wegens onbegrijpelijke bevoegdheid politie bij vordering tot verwijdering verdachte.