ECLI:NL:HR:2013:BX9444
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- E.N. Punt
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over gelijkheidsbeginsel bij omzetbelasting privégebruik auto
Belanghebbende, een fiscale eenheid bestaande uit twee besloten vennootschappen, stelde een personenauto ter beschikking aan haar directeur voor zowel werk- als privégebruik. De omzetbelasting over het privégebruik werd forfaitair berekend op basis van een beleidsbesluit dat een vast percentage van de catalogusprijs hanteerde.
In 2009 werd een nieuw besluit geïntroduceerd dat een lagere forfaitaire grondslag toestond voor auto's met een lage CO2-uitstoot, wat leidde tot een begunstigend beleid voor milieuvriendelijke auto's. Belanghebbende betoogde dat zij op grond van het gelijkheidsbeginsel ook van deze regeling gebruik mocht maken, hoewel haar auto niet aan de CO2-eis voldeed.
Het Hof oordeelde dat er sprake was van gelijke gevallen en dat belanghebbende aanspraak kon maken op de begunstiging. De Hoge Raad vernietigde deze uitspraak en stelde dat het onderscheid in de omzetbelastingheffing op grond van CO2-uitstoot niet is toegestaan volgens de BTW-richtlijn. Het gelijkheidsbeginsel verhindert dat een ongerechtvaardigde begunstiging wordt uitgebreid naar andere gevallen.
De Hoge Raad verklaarde het beroep van de Staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraken van Hof en Rechtbank en verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, met uitzondering van de beslissing over het griffierecht. De uitspraak benadrukt de noodzaak van naleving van Europese regelgeving en het verbod op discriminatie in belastingheffing.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraken worden vernietigd.