ECLI:NL:HR:2013:BW0972
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- D.G. van Vliet
- E.N. Punt
- C.H.W.M. Sterk
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling omzetbelasting bij intracommunautaire verwerving van tandprothesen door tandtechnicus
Belanghebbende, een tandtechnicus die tandprothesen in Nederland levert, heeft btw betaald over intracommunautaire verwervingen van tandprothesen die door haar moedermaatschappij in Zweden zijn vervaardigd en geleverd zonder btw. Zij maakte bezwaar tegen de btw-heffing en verzocht om teruggaaf. De Inspecteur verleende gedeeltelijke teruggaaf, maar de Rechtbank verklaarde het beroep gegrond en gelastte een hogere teruggaaf.
De Staatssecretaris stelde beroep in cassatie in tegen de uitspraak van de Rechtbank. De Advocaat-Generaal verzocht het Hof van Justitie om prejudiciële uitleg van de btw-richtlijn, met name over de vraag of de intracommunautaire verwerving van tandprothesen door een tandtechnicus is vrijgesteld van omzetbelasting.
De Hoge Raad overwoog dat de btw-richtlijn en de Nederlandse Wet op de omzetbelasting vrijstelling verlenen voor leveringen door tandtechnici, maar dat onduidelijk is of deze vrijstelling ook geldt voor intracommunautaire verwervingen. Verschillende interpretaties zijn mogelijk, onder meer of de vrijstelling alleen geldt indien de levering in Nederland altijd vrijgesteld is, en of het uitmaakt wie de levering verricht.
Daarom legt de Hoge Raad prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie van de Europese Unie over de uitleg van artikel 140 van Pro de btw-richtlijn. De Hoge Raad schorst de procedure totdat het Hof uitspraak doet.
Uitkomst: De Hoge Raad legt prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie en schorst de procedure.