ECLI:NL:HR:2013:822

Hoge Raad

Datum uitspraak
1 oktober 2013
Publicatiedatum
1 oktober 2013
Zaaknummer
11/04936
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep wegens niet aftrekken voorarrest bij gevangenisstraf

De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van een verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem. De verdachte stelde onder meer dat de tijd van voorarrest niet van de opgelegde gevangenisstraf was afgetrokken. De Advocaat-Generaal concludeerde tot een verbeterde lezing van de bewezenverklaring en tot aftrek van de tijd in verzekering, maar adviseerde het beroep verder te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelde dat het middel dat klaagt over het niet aftrekken van voorarrest geen nadere motivering behoeft, gelet op eerdere jurisprudentie (HR 19 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ4478). De overige middelen konden niet tot cassatie leiden en er waren geen rechtsvragen die beantwoording in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling vereisten.

Daarom werd het cassatieberoep verworpen. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren in aanwezigheid van de waarnemend griffier tijdens een openbare terechtzitting op 1 oktober 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen wegens het niet aftrekken van voorarrest van de gevangenisstraf.

Uitspraak

1 oktober 2013
Strafkamer
nr. 11/04936
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 23 september 2011, nummer 21/003045-10, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verbeterde lezing van de bewezenverklaring, tot aftrek van de tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht op de opgelegde gevangenisstraf en tot verwerping van het beroep voor het overige.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, - en wat betreft het derde middel mede gelet op HR 19 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ4478, NJ 2013/246 - geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
1 oktober 2013.