ECLI:NL:HR:2013:1418

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 november 2013
Publicatiedatum
22 november 2013
Zaaknummer
12/05580
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt uitspraak Gerechtshof Amsterdam en verwijst zaak terug in belastingrechtelijke herzieningsprocedure

Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 24 oktober 2012, dat betrekking had op een verzoek tot herziening van een eerdere uitspraak van het hof uit 2010.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep gegrond verklaard op de gronden die zijn uiteengezet in een aan dit arrest gehecht geanonimiseerd arrest met nummer 12/05565. De uitspraak van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling en beslissing, waarbij het hof het arrest van de Hoge Raad in acht moet nemen.

De Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van belanghebbende worden deels toegewezen. De kostenveroordeling houdt rekening met samenhangende zaken en de vergoeding voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand wordt vastgesteld op een vierde van het totale bedrag.

Het arrest is gewezen door de vice-president en vier raadsheren, en in het openbaar uitgesproken op 22 november 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling.

Uitspraak

22 november 2013
nr. 12/05580
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof te Amsterdamvan 24 oktober 2012, nr. 11/00936, betreffende een verzoek tot herziening van de uitspraak van het Gerechtshof te Amsterdam van 10 juni 2010 nr. 04/03718.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een middel voorgesteld.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

2.Beoordeling van het middel

Het middel slaagt op de gronden die zijn vermeld in het heden in de zaak met nummer 12/05565 uitgesproken arrest van de Hoge Raad, waarvan een geanonimiseerd afschrift aan dit arrest is gehecht.

3.Proceskosten

De Staatssecretaris zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Hierbij wordt in aanmerking genomen dat de zaken met de nummers 12/05565, 12/05566 en 12/05578 met de onderhavige zaak samenhangen in de zin van het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Door het Hof zal worden beoordeeld of aan belanghebbende voor de kosten van het geding voor het Hof een vergoeding dient te worden toegekend.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie gegrond,
vernietigt de uitspraak van het Hof,
wijst het geding terug naar het Gerechtshof Amsterdam ter verdere behandeling en beslissing van de zaak met inachtneming van dit arrest,
gelast dat de Staat aan belanghebbende vergoedt het door deze ter zake van de behandeling van het beroep in cassatie betaalde griffierecht ten bedrage van € 115, en
veroordeelt de Staatssecretaris van Financiën in de kosten van het geding in cassatie aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op een vierde van € 1416, derhalve € 354, voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.W.C. Feteris als voorzitter, en de raadsheren C. Schaap, M.A. Fierstra, R.J. Koopman en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren en in het openbaar uitgesproken op 22 november 2013.