ECLI:NL:HR:2012:BW5518
Hoge Raad
- Cassatie
- E.J. Numann
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- F.B. Bakels
- C.E. Drion
- G. Snijders
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad houdt uitspraak aan in compensatie bij langdurige vluchtvertraging
De zaak betreft een cassatieberoep van Transavia Airlines tegen een vonnis van de kantonrechter Haarlem inzake compensatie bij langdurige vertraging van een vlucht, gebaseerd op Verordening (EG) Nr. 261/2004. De kernvraag is of het arrest van het HvJEU van 19 november 2009 (Sturgeon-arrest) nog steeds het geldende recht is.
De Hoge Raad heeft het geding in cassatie behandeld, waarbij Transavia zowel schriftelijk als mondeling is toegelicht. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. Tegelijkertijd was er een lopende procedure bij het HvJEU over een vergelijkbare vraag, met een conclusie van de Advocaat-Generaal op 15 mei 2012.
Gezien deze bijzondere omstandigheden heeft de Hoge Raad besloten zijn uitspraak aan te houden totdat het HvJEU uitspraak heeft gedaan. De stukken worden opnieuw aan de Procureur-Generaal voorgelegd voor een aanvullende conclusie na het HvJEU-arrest.
Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2012.
Uitkomst: Hoge Raad houdt uitspraak aan in afwachting van HvJEU-arrest over compensatie bij langdurige vluchtvertraging.