ECLI:NL:HR:2012:BW5354

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 juni 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/02357
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt uitleg akte bij aandelenoverdracht en verwerpt cassatie

In deze zaak stond de uitleg van een akte betreffende de overdracht van aandelen centraal. Eiseres, een vennootschap gevestigd te een vestigingsplaats, had beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage. Dit arrest bevestigde de uitleg van de akte zoals vastgesteld door de rechtbank.

De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen van de rechtbank en het arrest van het hof voor het geding in feitelijke instanties. De advocaat-generaal had geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en dat nadere motivering niet nodig is omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen. Het beroep wordt verworpen en eiseres wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, welke nihil zijn begroot aan de zijde van Rijnsoever.

Het arrest is gewezen door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Streefkerk, Loth en in het openbaar uitgesproken door Van Oven op 22 juni 2012.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de uitleg van de akte bevestigd.

Uitspraak

22 juni 2012
Eerste Kamer
11/02357
TT/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres],
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. P.J. Arentshorst, thans mr. F.M.L. Dekkers,
t e g e n
APOTHEEK RIJNSOEVER B.V.,
gevestigd te Katwijk,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en Rijnsoever.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 305745/ HA ZA 08-676 van de rechtbank 's-Gravenhage van 28 mei 2008 en 11 maart 2009;
b. het arrest in de zaak 200.034.372/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 10 augustus 2010.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Rijnsoever is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 RO Pro.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Rijnsoever begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 22 juni 2012.