ECLI:NL:HR:2012:BV1918
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over navorderingsaanslagen en boeten vermogensbelasting 1992-2000
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen in de vermogensbelasting opgelegd over de jaren 1992 tot en met 2000, inclusief verhogingen en boeten. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen, maar het hof verklaarde de beroepen gegrond, vernietigde de uitspraken van de Inspecteur, en matigde de aanslagen, boeten en verhogingen.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad, die het beroep van de Staatssecretaris introk. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de eerdere jurisprudentie van 15 april 2011 niet correct had toegepast en vernietigde het hofarrest voor zover het de verhogingen over 1992-1998 en boeten over 1999-2000 betrof.
De zaak werd terugverwezen naar het hof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest van 15 april 2011. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en een deel van de proceskosten aan belanghebbende, terwijl het verzoek tot kostenveroordeling van de Staatssecretaris werd afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep is gegrond verklaard, het hofarrest gedeeltelijk vernietigd en de zaak verwezen naar het hof voor verdere behandeling.